Andere apparaten aansluiten
- Zet het volume altijd helemaal op nul en schakel alle apparaten uit voordat u andere apparaten aansluit om defecten of storingen aan de apparatuur te voorkomen.
- Zet altijd eerst het volume helemaal laag voordat u het apparaat in- of uitschakelt. Zelfs als u het volume helemaal laag hebt, hoort u mogelijk geluid wanneer u het apparaat in- of uitschakelt. Dit is normaal en wijst niet op een defect.
Naam van aansluiting of poort | Uitleg |
|---|---|
INPUT L/MONO, R (RETURN) | Sluit uw gitaar of de uitgang(en) van een ander effectapparaat aan die vóór deze unit in de effectketen moet worden geplaatst. Als u dit apparaat aansluit na een stereo-effectapparaat in de effectketen, sluit u het apparaat ook aan op de R (RETURN) aansluiting. Als u de send/return-functie gebruikt, sluit u uw externe effectapparaat of een soortgelijk apparaat aan op de R (RETURN) aansluiting. Ó “De functie SEND/RETURN inschakelen” “Aansluitvoorbeelden” |
OUTPUT L/MONO, R (SEND) | Sluit deze aansluitingen aan op uw gitaarversterker, mixer of ander extern audioapparaat. Wanneer u een monoverbinding gebruikt, sluit dan alleen aan op de L/MONO-aansluiting. Als u de send/return-functie gebruikt, sluit u uw externe effectapparaat of een soortgelijk apparaat aan op de R (SEND) aansluiting. Ó “De functie SEND/RETURN inschakelen” “Aansluitvoorbeelden” |
CTL1(3),2(4)/EXP | U kunt verschillende parameters beheren door een expressiepedaal (FV-500L, FV-500H, EV-30, Roland EV-5: apart verkrijgbaar) of een voetschakelaar (FS-5U, FS-5L, FS-6, FS-7: apart verkrijgbaar) aan te sluiten.
|
MIDI IN/OUT | Sluit hier een extern MIDI-apparaat aan. |
ă (USB Type-C®) | Gebruik een USB-kabel om een computer aan te sluiten voor het uitwisselen van MIDI-gegevens tussen de EX-4 en de computer.
|
DC IN | Sluit de meegeleverde netstroomadapter (PSA-S reeks) hier aan.
|
Aardingsklem | Sluit deze indien nodig aan op een externe aarding. |