Houd deze knop lang ingedrukt terwijl het afspeelscherm wordt weergegeven om de vergrendelfunctie aan/uit te zetten. Deze functie voorkomt dat de regelaars of knoppen per ongeluk worden bediend wanneer u aan het spelen bent.
[FX1]–[FX4]-knoppen
Schakelt de blokken FX1 t/m FX4 in of uit.
Hiermee selecteert u FX1–FX4 op het afspeelscherm.
Druk tegelijkertijd op beide schakelaars om naar de FSW mode (voetschakelaarmodus) te wisselen.
De kleuren van de indicator en de verlichting veranderen afhankelijk van de functies die zijn toegewezen aan de [É/1], [Ç/2] schakelaars.
Achterpaneel
INPUT L/MONO
Sluit hier uw gitaar of de uitgang(en) van een extern effectapparaat aan.
Als u de uitgangen van een stereo-effectapparaat aansluit op de ingangen van dit apparaat, sluit u hier de aansluiting voor het L-kanaalsignaal aan.
INPUT R (RETURN)
Sluit hier de aansluiting van het stereo-effectapparaat aan voor het R-kanaalsignaal.
Sluit bij gebruik van de send/return-functie hier de uitgang van de externe effectlus aan.
OUTPUT L/MONO
Sluit deze aan op de ingang van uw versterker of van een extern effectapparaat. Wanneer u een monoverbinding gebruikt, sluit dan alleen aan op de L/MONO-aansluiting.
Als u de ingangen van een stereo-effectapparaat aansluit op de ingangaansluiting voor het L-kanaal.
OUTPUT R (SEND)
Sluit deze aan op de ingang van het R-kanaal van een tweede versterker of stereo-effectapparaat.
Sluit bij gebruik van de send/return-functie hier de ingangen van de externe effectlus aan.
CTL1(3),2(4)/EXP-aansluiting
Sluit hier een externe voetschakelaar of een extern expressiepedaal aan.
MIDI OUT/IN
Sluit hier een extern MIDI-apparaat aan.
Sluit de MIDI OUT aan op de ingang van een extern MIDI-apparaat. Sluit de MIDI IN aan op de uitgang van een extern MIDI-apparaat.
USB
Gebruik een USB-kabel om een computer aan te sluiten voor het uitwisselen van MIDI-gegevens tussen de EX-4 en de computer.
DC IN
Sluit de meegeleverde netstroomadapter (PSA-S reeks) hier aan.
De DC IN-aansluiting dient ook als stroomschakelaar. Het apparaat wordt ingeschakeld wanneer een stekker op de DC IN-aansluiting wordt aangesloten en het wordt uitgeschakeld wanneer de stekker wordt losgekoppeld.
Massa-/aardaansluiting
Sluit deze indien nodig aan op een externe aarde of massa. Deze moet indien nodig worden aangesloten.