De apparatuur aansluiten
- Zet het volume altijd helemaal op nul en schakel alle apparaten uit voordat u aansluitingen maakt, om defecten of storingen aan de apparatuur te voorkomen.
- Verlaag altijd eerst het volume voordat u het apparaat in- of uitschakelt. Zelfs als u het volume verlaagd hebt, hoort u mogelijk geluid wanneer u het instrument in- of uitschakelt. Dit is normaal en wijst niet op een defect.
Naam van aansluiting of poort | Uitleg |
|---|---|
INPUT | Sluit hier uw gitaar aan. De INPUT-aansluiting dient ook als stroomschakelaar. Het apparaat wordt ingeschakeld wanneer een stekker op de INPUT-aansluiting wordt aangesloten en het wordt uitgeschakeld wanneer de stekker wordt losgekoppeld. |
OUTPUT L/MONO, R | Sluit deze aansluitingen aan op uw gitaarversterker, mixer of ander extern audioapparaat. Wanneer u een monoverbinding gebruikt, sluit dan alleen aan op de L/MONO-aansluiting. |
PHONES | Sluit hier uw hoofdtelefoon aan. |
Aardingsklem
| Sluit deze aan op een externe aarding. Deze moet indien nodig worden aangesloten. |
CTL 2,3/EXP 2 | U kunt verschillende parameters beheren door een expressiepedaal (Roland EV-5, BOSS EV-30: apart verkrijgbaar) of een voetschakelaar (FS-5U, FS-6, FS-7: apart verkrijgbaar) aan te sluiten.
|
ă (USB Type-C®) | Gebruik een in de handel verkrijgbare USB-kabel om een computer aan te sluiten voor het uitwisselen van audiogegevens tussen de GX-1 en de computer. U kunt de speciale editor van de GX-1 gebruiken voor het bewerken en anderszins beheren van geluiden.
|
DC IN | Sluit hier een netstroomadapter (BOSS PSA-S-reeks; apart verkrijgbaar) aan.
|
