DM-2

De DM-2 , al jarenlang favoriet bij muzikanten, was de eerste analoge delay van BOSS in de reeks compacte pedalen. Het retro BBD-circuit zorgt voor donkere delays die bij elke herhaling meer verzadigd worden, waardoor een organische sfeer ontstaat die prachtig past bij het onbewerkte geluid. Door de intensiteitsregelaar hoger te zetten, wordt het effect omgezet in krachtige zelfoscillatie voor expressieve texturen.

OPMERKING

Dit effect moet apart worden aangekocht voor gebruik. Gebruik de “BOSS EFFECT LOADER”-app (iOS/Android) om dit effect te kopen.

 

Pagina

Parameter

Waarde

Uitleg

1

REPEAT RATE

0–100, BPM (1/32-2/1)

Regelt de delaytijd. Draai met de klok mee om de delaytijd te verkorten en draai tegen de klok in om de delaytijd te verlengen.

  • Als dit is ingesteld op “BPM”, kunt u het tempo controleren door te kijken of de CHECK-indicator knippert of door de BPM-parameter te controleren.

ECHO

0–100

Regelt het volume van het delaygeluid. Draai dit met de klok mee om het delayvolume te verhogen. Draai dit helemaal tegen de klok in om alleen het directe geluid te horen.

INTENSITY

0–100

Regelt het aantal delayherhalingen. Draai de regelaar met de klok mee om het aantal herhalingen van de delay te verhogen. Draai de regelaar helemaal tegen de klok in voor een enkele delay.

  • U hoort mogelijk feedback als u de regelaar te ver met de klok mee draait.

2

 

BPM

40–250

U kunt het tempo alleen aanpassen als “BPM” is geselecteerd voor REPEAT RATE.

  • Als de tempogegevens worden ontvangen via de MIDI IN-aansluiting, kunt u het tempo niet aanpassen met de PX-1.

CARRYOVER

OFF, ON

Specificeert of het effectgeluid wordt overgedragen (ON) of niet wordt overgedragen (OFF) als u het effect uitschakelt.

3

CTL1 TARGET

OFF, REPEAT RATE, ECHO, INTENSIY, TAP

Selecteert de parameter die moet worden bediend met een voetschakelaar die is aangesloten op CTL1.

CTL1 MODE

MOMENT, TOGGLE

Selecteert de bedieningsmodus voor de voetschakelaar die is aangesloten op CTL1.

CTL1 VALUE

0–100

Stelt de waarde in voor de parameter die wordt bediend met een voetschakelaar die is aangesloten op CTL1.

4

CTL2 TARGET

OFF, REPEAT RATE, ECHO, INTENSIY, TAP

Selecteert de parameter die moet worden bediend met een voetschakelaar die is aangesloten op CTL2.

CTL2 MODE

MOMENT, TOGGLE

Selecteert de bedieningsmodus voor de voetschakelaar die is aangesloten op CTL2.

CTL2 VALUE

0–100

Selecteert de waarde voor de parameter die wordt bediend met een voetschakelaar die is aangesloten op CTL2.

5

EXP TARGET

OFF, REPEAT RATE, ECHO, INTENSIY

Selecteert de parameter die wordt bediend door een extern expressiepedaal dat is aangesloten op de EXP-aansluiting.

EXP MIN

0–100

Stelt de minimumwaarde in voor de parameter die wordt bediend door een expressiepedaal dat is aangesloten op de EXP-aansluiting.

EXP MAX

0–100

Stelt de maximumwaarde in voor de parameter die wordt bediend door een expressiepedaal dat is aangesloten op de EXP-aansluiting.

6

PEDAL MODE

MOMENT, TOGGLE

Selecteert de bedieningsmodus voor de pedaalschakelaar op de PX-1.

ACTION

OFF Ó ON, ON Ó OFF

Stelt in hoe de pedaalschakelaar op dit apparaat werkt als PEDAL MODE is ingesteld op “MOMENT”.