De stemfunctie gebruiken

  1. Houd de [É]- en [Ç]-schakelaars tegelijkertijd ingedrukt.
  2. Het stemfunctiescherm verschijnt.

MEMO

  1. U kunt de stemfunctie ook starten vanuit het afspeelscherm door op de PAGE [Í]-knop te drukken.
  2. ØOver het afspeelscherm
  3. Met de fabrieksinstellingen kunt u het expressiepedaal op de minimuminstelling zetten om de stemfunctie te starten. Raadpleeg “Instellingen voor voetschakelaars en expressiepedalen” voor het toewijzen van een andere functie.

 

Het stemfunctiescherm omschakelen

U kunt aan de [SELECT]-regelaar draaien om de weergave van de stemfunctie te wijzigen.

Monofone (normale) weergave

Monofone (streaming) weergave

True Temperament (normale)-weergave*

True Temperament (streaming)-weergave*

 

Stemfunctie-instellingen

Gebruik de [1]–[4]-regelaars onder het display om stemfunctie-instellingen te maken.

Regelaar

Parameter

Waarde

Uitleg

[1]

REF. PITCH

435–445 Hz (standaardwaarde: 440 Hz)

Geeft de referentietoonhoogte op.

[2]

TUNER OUTPUT

MUTE

Er wordt geen geluid uitgestuurd tijdens het stemmen.

BYPASS

Tijdens het stemmen wordt het geluid van de gitaar dat wordt ingevoerd zonder wijzigingen naar de GX-10 uitgevoerd. Alle effecten zijn uitgeschakeld.

THRU

Hiermee kunt u stemmen terwijl u het huidige effectgeluid hoort.

[3]

TT TYPE

6-REG, 6-DROP D, 7-REG, 7-DROP A, 4-B REG, 5-B REG

Selecteert het type stemming voor de stemfunctie.

[4]

TT OFFSET

-5–-1, ----

Past de referentietoonhoogte van de stemfunctie aan in stappen van een halve toon ten opzichte van de standaard stemming.